Tips om gelukkiger te zijn

Een positieve kijk
Vaak staan we niet echt stil bij de goede dingen in ons leven en focussen we ons enkel op de zaken die fout gaan. Dit zorgt er echter voor dat we ons minder gelukkig gaan voelen. Uit onderzoek blijkt immers dat gelukkigere mensen niet meer positieve ervaringen beleven dan ongelukkigere mensen, maar dat zij wel meer aandacht besteden aan positieve ervaringen. Neem aan het begin van deze week de tijd om stil te staan bij je eigen houding. Focus jij vooral op de goede dingen in je leven of op de dingen die slecht gaan? Geluk heeft soms te maken met heel kleine dingen! Denk hierbij bijvoorbeeld terug aan de voorbije dagen en merk op welke dingen het eerst in je naar boven komen. Zijn dit vooral herinneringen van fijne momenten of zijn dit vooral herinneringen van stresserende of nare ervaringen? Sta er even bij stil hoe het komt dat je op die manier naar de dingen kijkt en hoe je je hierbij voelt. Welk effect heeft dit op jezelf en op je omgeving? Schrijf eventueel kort je gevoelens en gedachten hierover neer en/of spreek er eens over met iemand. Probeer deze week jezelf een positievere houding aan te meten door meer aandacht te schenken aan de positieve ervaringen van elke dag. Schrijf elke avond drie positieve ervaringen van die dag op, bijvoorbeeld door een dagboek bij te houden. Kijk op het einde van de week terug op de voorbije week. Vergelijk hoe je je nu voelt met hoe je je aan het begin van deze week voelde, voor deze oefening (vergelijk eventueel met je notities!). Besteed hierbij aandacht aan hoe je je zelf voelt en hoe je omgaat met je omgeving.

Een eilandje van rust
Onze dagen zijn ontzettend druk, onze agenda’s staan bomvol en we komen tijd en energie tekort om alles en nog wat te regelen. Vaak schuiven we dan ook een pauzemoment voor ons uit omdat we er gewoonweg geen tijd voor hebben. Tijdens de middag van onze drukke werkdag gaan we nog gauw boodschappen doen en terwijl we dit doen denken we aan de dingen die ’s avonds nog op ons staan te wachten. Ondertussen gaan we voorbij aan wat er om ons leeft en geven we onszelf geen rust. Dit heeft echter vaak heel wat negatieve gevolgen. Tekort aan energie, niet kunnen slapen door het piekeren, burn-out, depressie en dergelijke zijn allemaal kwalen van deze tijd, waarin eerder het motto ‘haast en spoed en sneller als het moet’ hoogtij viert. We nemen te weinig de tijd om op adem te komen. Bedenk even wanneer de laatste keer was wanneer je nog even een moment voor jezelf genomen hebt.

Plan daarom elke dag van deze week tien minuten in voor: stilte, reflectie, bezinning, meditatie, een wandeling of yoga. Of probeer elke dag van de week eens iets anders uit en ga na waardoor jij het beste tot rust komt. Het kan aanvankelijk zijn dat dit niet makkelijk is want je moet even alles loslaten en uit de maalstroom stappen. Geef het echter een kans en zie die tien minuten als een geluksmomentje voor jezelf, als een eilandje waar je je even kan op terug trekken. Ga op het einde van de dag en het einde van de week eens na welk effect dit op je had? Merkte je een verandering op in je lichaam, in je gevoel, in je functioneren, …?

Op weg naar je droom
Wat is jouw passie? Is dat muziek, sport, kunst, vrijwilligerswerk, …? Wat heb je altijd al graag willen doen maar heb je nooit gedaan? Wou je bijvoorbeeld altijd al graag piano leren spelen, meedoen aan een triatlon of honden uit het asiel uitlaten? Vaak hebben we (grote) dromen en plannen maar net omdat ze zo groot zijn, durven we er niet aan te beginnen. Sta er maar even bij stil en vraag jezelf af waarom je het telkens voor je uitschuift? Soms is het gewoon beangstigend of lijkt het dat het een hele hoop werk is. Niemand kan natuurlijk 100% garanderen dat je erin zal slagen. Toch kan het naar je dromen toe werken, richting geven aan je leven en je gelukkiger maken. De weg naar je droom doorlopen, is een groeiproces en eens je je doel bereikt hebt, heb je veel meer ervaren en beleefd dan enkel het doel op zich! Zo kan je jezelf beter leren kennen, nieuwe mensen ontmoeten, leren omgaan met vallen en terug leren opstaan, enzovoort. Durf! Je verdient het!

Bedenk nu zelf een doel dat je graag zou willen bereiken en zet deze week de eerste stappen. Maak hierbij gebruik van het SMART-principe:
Specifiek: Maak je doel zo concreet en duidelijk mogelijk. Splits het op in kleinere tussendoelen. Focus je bijvoorbeeld eerst op zonder problemen 5 km lopen, dan 10 km, enzovoort. Je moet niet direct een triatlon kunnen lopen!
Meetbaar: Zorg dat je (tussen)doel meetbaar is en denk hierbij na hoe je dit gaat meten. Zoek bijvoorbeeld een loopronde op waarvan de je de lengte kent! Zo kan je ook opbouwen!
Acceptabel: Zie dat je (tussen)doel ook aanvaardbaar is. Vraag je bijvoorbeeld af of de tijd die je in je training steekt, aanvaardbaar is voor jou en jouw omgeving.
Realistisch: Stel een haalbare planning op. Ga bijvoorbeeld niet dagelijks lopen, maar twee of drie keer per week.
Tijdsgebonden: Wanneer wil je je (tussen)doel bereikt hebben? Wanneer zet je de volgende stap? Plan niet iets over twee jaar. Stel vroegere tijdstippen voor tussendoelen vast, anders loop je het risico steeds weer uit te stellen.
Formuleer daarnaast ook je doel zo positief mogelijk en hang bijvoorbeeld een prent of citaat op, op een plek waar je vaak voorbij komt en die je doet denken aan je droom of passie. Dit zal je helpen gemotiveerd te blijven!

Nieuwe ontmoetingen
We zijn met steeds meer mensen op deze aardbol maar er is ook steeds minder en minder contact. We schuiven samen aan de kassa van de supermarkt aan, we staan samen in de file, we zitten allemaal opgehoopt op de trein of bus, we hebben nog nooit zoveel vrienden gehad op Facebook. En toch zijn onze echte contacten met andere mensen vaak schaarser geworden. Iemand die je op straat tegen komt en je vrolijk een goeiedag wenst, kijk je al bijna vreemd aan want waarom spreekt die persoon je nu aan? Denk er eens over na. Hoe vaak praat jij met je buren, collega’s, de kassierster in de supermarkt, mensen op de trein of bus? Wat houdt je tegen om een korte, vriendelijke babbel met een onbekende te doen? Wie weet waar die ontmoeting tot leidt… Misschien vind je wel de liefde van je leven op de trein, leidt het tot een wekelijkse toffe babbel met de kassierster in de supermarkt, een gelijkgestemde ziel in de bibliotheek, een loop- of wandelmaatje in de man of vrouw die je tijd ens je eigen loop- of wandelrondje steeds tegenkomt of gewoon een tof, menselijk contact met iemand die je misschien wel nooit meer tegen komt.

Stel je deze week eens open voor de anderen om je heen. Nodig die buurvrouw die je nog niet zo goed kent uit voor een kopje koffie, begroet mensen tijdens je wandeling, maak een gesprekje met de passagiers in de auto naast je die ook in de file staan, doe een babbeltje met de persoon naast je op de bus of ga gewoon eens gezellig op café en doe een babbel met de persoon naast je aan de toog. Mogelijkheden te over. Sta er deze week bij stil hoe dit voelde. Was het prettig of niet prettig? Hoe kwam dit? Op deze manier leer je ook jezelf beter kennen, welke soort contacten bij je passen en met wie het klikt. Misschien ontdek je wel een heel andere kant van jezelf! Het is immers ook een mogelijkheid om andere aspecten van jezelf te tonen omdat onbekenden je nog niet (zo goed) kennen. Dus stel je deze week open voor anderen en maak contact!

Het mooie van willen
We moeten continu van alles doen. We moeten boodschappen doen, we moeten de kinderen ophalen, we moeten een paper schrijven, we moeten naar de kapper. We moeten heel veel. Het gekke is dat als je het woordje ‘moet’ vervang door ‘wil’ dat je er al een heel ander gevoel bij krijgt. Stel dat je het eens probeert en zegt ‘ik wil boodschappen doen’, ‘ik wil de kinderen ophalen’, ‘ik wil een paper schrijven’, … Merk je het verschil op? Als je nu eens naar je dagplanning kijkt en je stelt je voor dat je alles moet doen. Hoe voel je je hier dan bij? Stel je nu bij je planning voor dat je alles wil doen. Hoe voel je je er dan bij? Probeer er deze week eens op te letten hoe vaak je zegt ‘ik moet …’ en welk effect dit op je heeft. Tracht hier alert voor te zijn en vervang ‘moeten’ door ‘willen’. Niet enkel in het vormen van je zinnen maar ook in hoe je er tegen aan kijkt. We kunnen vaak onze omstandigheden of verplich tingen niet aanpassen maar wel hoe we er tegen aan kijken en hoe we er mee omgaan. Let er maar eens op en wil wat je doet. Het geeft een hemelsbreed verschil. Kijk op het einde van de dag en op het einde week welk effect dit heeft op jezelf. Schrijf er eventueel iets over en/of spreek er met iemand over.

Complimenten geven
Kritiek is snel geuit. Vaak gebeurt dit sneller dan dat we het door hebben. Iemand ergert ons of doet iets niet zoals het volgens ons moet en dus geven we commentaar, meestal negatief verwoord! Sta er even bij stil hoe jij je zelf voelt als je kritiek krijgt. Sta er ook even bij stil hoe je je zelf voelt als je kritiek geeft en welk effect dit heeft op je relaties of contacten met mensen. De meeste mensen voelen zich aangevallen als ze kritiek krijgen en dan schieten ze in de verdediging met alle gevolgen van dien, een woordenwisseling, ruzie, een verzuurde relatie, enz. Als je deze week de neiging hebt om kritiek te geven, slik deze dan in en zet ze om in een constructieve opmerking, of nog beter: complimentjes. Houd hierbij rekening met de volgende tips:

Wees eerlijk met jezelf en ga na of je intenties goedbedoeld zijn. (Niet als wraak of “om punten te scoren” bijvoorbeeld)
Gebruik een ik-boodschap. Bijvoorbeeld ‘Ik zou graag hebben dat je je kleren opruimt want ik steek er veel tijd in om ze te wassen en te strijken. Ik doe dat graag voor je, maar dan moet je ook wel wat opruimen.’ In plaats van ‘Je gooit ook altijd je kleren overal en ik moet ze altijd wassen en strijken.’. Het tweede is veel meer aanvallend, terwijl het eerste om meer begrip vraagt.
Geef enkel commentaar op veranderbaar gedrag. Dus op wat iemand doet en niet hoe iemand is. Iemand die een schelle stem heeft, bijvoorbeeld, kan deze niet veranderen. Iemand die te stil praat, kan je wel vragen om iets luider te spreken. Maar doe het positief!
Beschrijf dingen concreet en specifiek. Vermijd woorden zoals ‘altijd’ en ‘nooit’.
Geef aan welk effect het gedrag van die persoon op jou heeft. Bijvoorbeeld ‘Door dat gedrag krijg ik het gevoel dat mijn werk niet gewaardeerd wordt.’ Maar denk eraan: verwoord het positief!
Geef de ander de mogelijkheid om te reageren. Vraag om diens reactie en luister naar wat hij/zij te vertellen heeft!! We gaan er zo vaak foutief van uit dat we weten waarom iemand iets doet of niet doet!
Geef aan welk gedrag je wel graag zou willen zien. Bv. ‘Ik zou graag hebben dat …’
Ga samen na wat de mogelijke oorzaken van het gedrag zijn en welke oplossingen tot het gewenste gedrag kunnen leiden.
Sta op het einde van de week stil bij hoe je je voelt als je op deze manier iemand feedback geeft en welk effect dit heeft op jullie contact!

Opnieuw de banden aanhalen
Het leven kan zo snel vooruit gaan en veranderen dat we een bepaalde weg uitgaan en de mensen vergeten of uit het oog verliezen die een andere weg zijn ingeslagen. Zoals een tante waar je als klein kind vaak bij ging slapen, een opa die samen met jou een vogelhokje voor de winter maakte, je beste vriendin uit het middelbaar of de hogere school, je maat van de voetbal, … Mensen waarmee we vroeger zo’n goed contact hadden maar dat na verloop van tijd verwaterd is. Betekent ‘Uit het oog, uit het hart’?

Denk eens na over wie er bij jou nog zo’n speciaal plaatsje in je hart inneemt en die je graag nog eens weer zou zien. Neem de tijd om even terug te gaan in gedachten en na te denken over alle fijne momenten. Zoek terug contact en vraag aan deze persoon om nog eens persoonlijk af te spreken. Zorg voor een plek en een moment waar jullie dit ongestoord kunnen doen. Neem minstens een tweetal uur de tijd om samen herinneringen op te halen. Vraag jezelf hierna af of dit voor herhaling vatbaar is. Misschien is dit een persoon die je graag terug in je leven zou willen. Of misschien was dit gewoon nog eens een leuk moment om herinneringen op te halen over hoe het vroeger was. In ieder geval, geniet ervan!

Licht in het duister
We hebben niet altijd controle over de dingen die ons overkomen. Zaken zoals ontslag, ziekte of verlies van een dierbare zijn zaken die ons hele leven overhoop halen. We voelen ons machteloos maar willen ons toch met heel ons wezen verzetten tegen dit onrecht. Het is een verandering die we tegen wil en dank toch zullen moeten leren aanvaarden. Het is niet gemakkelijk en vraagt om het doorlopen van een rouwproces en leren loslaten. Heb jij in je leven zo’n verandering waar je je (nog) tegen verzet? Laat dit gevoel van verzet toe en aanvaard het. Ga na welke emoties er nog achter schuilen. Zit er ook verdriet, schuld, woede? Geef ruimte aan deze emoties en laat ze ook toe, ze zijn er immers. Praat er over met mensen in je omgeving, uit je gevoelens op een creatieve manier zoals door muziek, loop ze van je af, … Krop het niet op maar geef die gevoelens de ruimte om te zijn.

Probeer ondanks de pijn ook oog te hebben voor de positieve kanten, de mogelijkheden en de mooie momenten. Na een ontslag heb je de kans om te reflecteren over wat je wil en of je wel in de vorige richting verder wil. Door ziekte krijgen we een ander perspectief op wat belangrijk is, welke zaken echt prioritair zijn in het leven. Het verlies van een dierbare kan mensen in hun verdriet dichter bij elkaar brengen, kan mensen doen stilstaan bij de waarde van het leven en doen inzien daar het volle uit te halen. Sta stil bij de kansen of mooie momenten die mogelijks aanwezig zijn bij deze verandering. Het is moeilijk, want vaak overschaduwt de pijn gevoelens van geluk of vinden we dat we ons geen geluk mogen toestaan. Het leven is echter niet zwart-wit. Het bestaat uit verschillende kleurtinten, licht en donker, warm en koud. Wees aandachtig en stel je open want zelfs in het meest dorre klimaat kan er een sprankeltje van leven ontstaan en in de grootste duisternis kan men het helderste licht vinden. Stel je dus (opnieuw) open.

Waardering tonen
Vaak zeggen we te weinig tegen mensen die ons dierbaar zijn waarom we hen zo waarderen. Het lijkt zo vanzelfsprekend voor ons dat ze ons dierbaar zijn, maar weet die persoon dat echt wel? Mogen we dit als zo vanzelfsprekend aannemen? Denk er eens over na hoe jij je dierbaren laat weten dat je hen waardeert. Hoe je hen dit duidelijk maakt. En vraag je af of ze dit ook merken. Geef je eerder kritiek als ze iets fout doen, maar neem je aan dat ze weten als ze iets goed doen of veronderstel je dat ze weten dat je hen graag ziet?

Sta er eens even bij stil wie voor jou dierbaar is, maar waarbij het al lang geleden is dat je het getoond hebt. Waarom waardeer je deze persoon zoveel? Wat betekent hij of zij voor je? Hoe zou je leven zonder hem of haar zijn? Sta hierbij stil en denk er eens over na over wat je zou kunnen doen om aan hem of haar te tonen hoeveel hij of zij voor jou betekent. Neem hier de tijd voor en vertel aan hem of haar hoe dierbaar hij of zij voor je is. Zet deze persoon eventueel in de bloemetjes, geef een knuffel, trakteer hem of haar op een pint, … Sta stil bij wat dit met je gedaan heeft, hoe je je erbij voelt. Eventueel iets om vaker te doen?

Uitstelgedrag aangepakt
Uitstelgedrag is iets dat we allemaal wel kennen. Je hebt ergens echt geen zin in dus schuif je het voor je uit. Het op orde brengen van je dossierkast, het opruimen van de zolder, een lastig gesprek met iemand voeren, het maken van een paper, enz. We stellen het uit en denken dat er nog tijd genoeg zal zijn om het later te doen. Het blijft je echter steeds ergeren, het is een knagend iets dat vervelend blijft aanvoelen en onbewust voor extra stress zorgt. Uitstelgedrag is niet altijd fout. Komt er iets dringender tussen of is er een kans dat het project een tijd later afgeblazen wordt, dan is de taak uitstellen een logisch iets. Als je echter voelt dat je iets zou moeten doen, maar het dan toch voor je uitschuift dan ben je aan het uitstellen.

Welke taak ben jij aan het uitstellen? En hoe voel je je hierbij? Over het algemeen is dit geen prettig gevoel dus waarom doen we het? Vaak denken we dat we tijd genoeg hebben dus maken we geen concrete planning en het is meestal ook een klus waar je een hekel aan hebt. Als er daarnaast nog eens verleidelijke alternatieven zijn dan beginnen we uit te stellen en zeggen we ‘morgen is er nog een dag’. Als de deadline dan te dicht komt, gaan we uit angst toch nog blijven uitstellen en verstrooiing ergens anders in zoeken of minder vervelende klusjes doen om bezig te blijven. Echte ontspanning of voldoening vinden we hier niet in, want de dreigende wolk blijft aanwezig. Herkenbaar? Uitstelgedrag heeft te maken met een tekort aan motivatie. Dit kan je aanpakken door gebruik te maken van de volgende tips:

Wees eerlijk tegenover jezelf waarom je uitstelt. Ben je bang om te falen, zie je er gewoonweg tegenop, …? Geef erkenning aan dit gevoel en aanvaard dat het aanwezig is.
Denk na over waarom je dit keer niét wilt uitstellen. Welk onprettig gevoel had je bij de vorige keer?
Stel je de negatieve gevolgen voor van het uitstellen. Overdrijf hierin desnoods, trek het maar helemaal door. Bijvoorbeeld als ik die paper niet goed maak, heb ik een groter risico dat ik faal op dat vak en als ik daarvoor faal, kan ik volgend jaar geen stage lopen en dan moet ik een jaar extra doen en dan kan ik pas later beginnen te werken. Later beginnen werken is ook langer thuis wonen, nog geen geld verdienen en minder snel gaan samenwonen.
Zorg voor een goede planning. Stel tussendoelen op en leg ook daarvoor deadlines vast. Houd het haalbaar en realistisch. Zoek hierbij een evenwicht tussen uitdaging en mogelijkheid om het te vervullen. Maak eventueel een visueel schema om je vooruitgang in het oog te houden (maar overdrijf er niet in!).
Zoek het positieve in de taak. Wat vind je er leuk aan? Wat wil je ermee bereiken? Denk aan de voldoening die het je zal geven als het (tussen)doel bereikt is. Je werkt altijd naar iets toe! Houd dit voor ogen! Plaats eventueel iets op je visueel schema of planning om je te doen denken aan de waarde die dit werk voor je heeft.
Ga voor jezelf na op welke moment je het beste aan deze taak werkt? Wat is jouw piekmoment? Doe het niet op een tijdstip waar je in een energiedip zit want dan is het risico dat je het uitstelt veel groter.
Elimineer alle afleidingen. Stel voor jezelf vast wat voor jou afleidingen zijn en zorg ervoor dat deze niet aanwezig zijn op je ingeplande werkmomenten. Blokkeer facebook, you tube en je e-mail. Zet je GSM op stil, zet je op een plek met zo weinig mogelijk afleiding en verwittig je omgeving dat je niet gestoord wil worden gedurende die tijd.
Vraag ondersteuning. Stel eventueel mensen op de hoogte, waarvan je weet dat ze je op een goede manier zullen ondersteunen in je voornemen.
Ga deze week nog aan de slag! Reflecteer over je uitstelgedrag, stel een haalbare planning op en zorg voor de nodige motivatie en ondersteuning! Ga met plezier aan de slag! Je voldoening zal groot zijn!

Mooie herinneringen
Leuke herinneringen ophalen, brengt fijne gevoelens naar boven. Denk er maar eens over na. Je krijgt een warm gevoel van binnen, begint spontaan te glimlachen en je voelt je direct gelukkiger. Je kan jezelf helpen dit vaker te voelen door je herinneringen op een leuke manier levend te houden. Op vakantie, bij grote feesten en reizen nemen we vaak foto’s en nemen we souvenirs mee. Dit kun je ook doen voor kleine geluksmomentjes!

Neem een foto van een leuke dag met je broer of zus, schrijf een lief of grappig smsje naar een vriend of vriendin, houd een aandenken bij van een gebaar van je partner of een vriend(in) dat je geraakt heeft, … Doe dit op een manier die jou het beste ligt. Maak bijvoorbeeld een collage met foto’s en briefjes, houd een mooi versierd boekje bij, maak een eigen webpagina aan of houd een doos bij waarin je alles in verzamelt. Laat je van je creatiefste kant zien en maak er je eigen ding van! Start deze week al met bedenken van hoe je het zou willen aanpakken en begin met het verzamelen van foto’s of spulletjes die je er zeker bij in wil. Vul dit regelmatig aan en kijk natuurlijk ook regelmatig eens terug en haal die fijne herinneringen op!

Overwin jezelf
Denk deze week eens na wat jou onzeker of verlegen maakt, maar wat je toch graag zou willen doen. Waarom ben je hier onzeker over? Sta er even bij stil wat je tegen houdt om dit toch te doen. Heb je angst om te falen, ben je bang dat mensen je zouden uit lachen of ben je bang voor wat er zou gebeuren als je er toch in zou slagen, misschien had je daar nog niet aan gedacht? Denk na over hoe graag je het eigenlijk wilt doen en wat de obstakels zijn die je moet nemen en welke je hulpmiddelen zijn. Ga na wat je sterktes zijn die je kunnen helpen om toch je onzekerheid te overwinnen en welke mensen je hierbij kunnen steunen. Houd rekening met je omgeving, maar wat mensen die niet echt om je geven, erover denken, doet er niet echt toe. Probeer dat van je af te zetten want er zal altijd wel iemand zijn die er niet mee akkoord is. Luister naar jezelf en wees bereid om ervoor te gaan en terug recht te staan als je zou vallen. Doe het stap voor stap en durf hulp vragen. Laat je angstige gedachten los. Jij controleert die gedachten, laat ze jou niet controleren. Geef jezelf moed door bijvoorbeeld een beeld te creëren van als je je angst overwonnen hebt of door een inspirerend citaat op te hangen zoals hieronder.

Onze diepste angst is niet dat we ontoereikend zijn.
Onze diepste angst is dat we oneindig machtig zijn.
Het is ons licht, niet onze duisternis waar we het allerbangst voor zijn.
We vragen ons af:
Wie ben ik dat ik briljant, buitengewoon aantrekkelijk, getalenteerd en geweldig zou zijn?
Maar waarom eigenlijk niet?

Inaugurele rede van Nelson Mandela